Uykusuz tekenaar Emrah Ablak maakte voor de Turkse alt-rock band l.e.s.s. tenminste twee stripjes, die tot clip zijn omgebouwd. Hieronder een:
Beni Aldiginda from Cenk Haznac on Vimeo.
dinsdag 14 februari 2012
zaterdag 11 februari 2012
Sjouwers 2
Nog wat portretten van sjouwers, in Cağaloğlu...
![]() |
| Sjouwer draait een shagje, de pakken op zijn steekkar zijn met plastic tape verstevigd en van handvaten voorzien. |
dinsdag 7 februari 2012
Sigara içilmez
Vroeger waren Turkse sigaretten een begrip. Na de Tweede Wereldoorlog werden in Nederland de Amerikaanse sigaretten echter populairder dan de Turkse. Ik weet niet de sigaretten van het merk Black (in een mooi vormgegeven sigarettenpakje) Turks of Amerikaans zijn, maar ik zag het merk voor het eerst in Istanbul.
Maar ook in Istanbul is de boodschap aangekomen dat roken niet goed is voor de gezondheid. Net als in andere grote steden mag op steeds minder openbare plekken gerookt worden. In café’s, hotellobbies en restaurants hangen verboden te roken-bordjes. Niet dat men zich daar altijd iets van aantrekt. Regelmatig wordt er ondanks het verbod rustig doorgerookt. De bediening leek dit geen enkel probleem te vinden.
Dat is wel eens anders geweest. In een ets uit het boek 'Historie der drie laatste Turksche Keizers' uit 1684 worden rokers gruwelijk gestraft. Dit was echter niet om long- en hartklachten te voorkomen, maar om er voor te zorgen dat de voor een groot deel uit houten huizen bestaande stad niet af zou branden.
(aut. Joshua)
woensdag 1 februari 2012
Orhan Pamuk tekenaar?
Dit is een beetje een zijspoor en te rangschikken onder curiosa: de tekeningen van Orhan Pamuk.
De wereldberoemde Turkse schrijver en in 2006 winnaar van de Nobelprijs voor Literatuur liet zich in de jaren negentig strikken om columns te schrijven voor Öküz (‘Os’).
Het blad was opgericht door cartoonist Metin Üstündag die hiermee zijn droom waarmaakte van een fusie tussen een klassiek Turks humortijdschrift en een literair/kunst blad, met een fijne neus voor straatkultuur.
Üstündag schermde er in de aanloop mee met allerlei gerenommeerde figuren in onderhandeling te zijn, waaronder Pamuk, terwijl hij diens telefoonnummer nog niet eens wist. Op het moment dat het daadwerkelijk tot een gesprek tussen tekenaar en schrijver kwam liet de laatste, geïnteresseerd door de formule van Öküz, zich overhalen. Op voorwaarde dat hij zèlf de illustraties bij zijn column kon maken. Dat kon, zie beneden voor enkele resultaten.
Öküz startte in 1996 als weekblad, maar schakelde na 31 nummers over op maandelijkse verschijning. Het stopte in 2001 en had op zijn hoogtepunt een oplage van 30.000 exemplaren. Oprichter Üstündag is momenteel één van de eigenaren van stripweekblad Penguen.
Een aantal verhalen van Orhan Pamuk uit Öküz zijn in Nederlandse vertaling te lezen in zijn bundel ‘De andere kleuren’ (Arbeiderspers 2008).
![]() |
| cover van Öküz, getekend door Bahadir Baruter |
![]() |
| Bovenaan een cartoon van Musa Kart, op de onderste helft van de pagina: tekst en tekening van Orhan Pamuk |
maandag 30 januari 2012
Martelaren
Stripmakers die strips over hun eigen leven maken zijn er zat op deze wereld. Stripmakers die in hun eigen strips stèrven alweer stukken minder. En van de stripmakers die in hun strips niet alleen zichzelf maar ook hun vrienden aan hun eind laten komen, en dat keer op keer op keer, is er hoogstwaarschijnlijk maar één.
Hoe ongeloofwardig het ook klinkt, dit was dus wel het thema van de serie L-manyak Sehitleri (‘Martelaren van L-manyak’) dat eind jaren 90 in het gelijknamige stripmaandblad liep. De strip was een bedenksel van Memo Tembelçizer, nu één van de eigenaren van weekblad Uykusuz. In elke afleveringen beleefde hij met zijn tekenaarsvrienden een avontuur dat steevast in een bloedbad moest uitlopen. De gein ervan steeds nieuwe manieren te vinden om de personages, zichzelf dus, dood te laten gaan. Om dan weer weer fris als een hoentje te herrijzen in een volgend nummer van L-manyak (‘de maniak’, de toegevoegde L teken dat het blad uit de LeMan stal komt).
Hoe zoiets kan gaan staat in onderstaand voorbeeld uit L-manyak #17. Memo gaat uit picknicken met collega’s Bülent Üstün, Mehmet Coşkun, Bahadir Baruter en Andaç Gürsoy, één van de weinige vrouwelijke tekenaars die voor L-manyak werkte (en dat overigens nog steeds doet!). Een nogal willekeurige confrontatie met twee andere picknickers escaleert razendsnel en loopt voor allen gruwelijk af. Zo wordt Memo zelf de grill ingebeukt en rent dan met zijn verschroeide gezicht tegen een reeks bomen aan.
Toen Tembelçizer later overstapte naar maandblad Lombak, nam hij de serie mee. Die werd herdoopt in ‘Martelaren van Lombak’, qua setting meer science-fiction en uiteindelijk minder fataal in zijn eindes.
Tembelçizer's werk kenmerkt zich door kortstondige maar heftige series met autobiografische inslag. Op moment van schrijven loopt van hem in Uykusuz ‘Makul Koca Memoşko, yenilginin kisa tarihi’ (Memootje de Brave Echtgenoot, korte geschiedenis van een nederlaag), met zijn belevenissen als verantwoordelijke jonge vader...
![]() |
| L-manyak met covertekening van Bahadir Baruter |
![]() |
| Openingspagina van 'Martelaren van Lombak', uit Lombak #38 (2004) |
zondag 29 januari 2012
Istanbul schetsen 9
Abonneren op:
Posts (Atom)




















